Auteursarchief: admin

Loopbaan: Soms is het onvermijdelijk om de waarheid te spreken

waarheidHet zijn harde tijden. De werkgelegenheid daalt nog iedere maand en veel organisaties trachten nog altijd de efficiency te verhogen. Dat legt grote druk bij organisaties en hun medewerkers en vergt een groot aanpassingsvermogen. Enkele van deze medewerkers zie ik binnen mijn praktijk. Ze komen veelal totaal ontredderd binnen, met meestal weken tot zelfs maanden ziekteverzuim. Ze hebben veel klachten (zoals angst, depressie en psychosomatische klachten) en meestal geen idee meer waar deze klachten mee samenhangen. 

Harde werkelijkheid bij re-integreren
Na de intake en de eerste gesprekken neemt hun belastbaarheid toe en zijn ze in staat te re-integreren. Op dat moment begint in veel situaties de harde werkelijkheid zich aan te dienen. Wat ik terug hoor van de mensen is vaak confronterend: “Mijn manager zegt dat als ik nu niet sneller opbouw, ik me ernstig moet afvragen of ik wel competent ben voor mijn functie.” “Mijn manager eist dat ik meer sport om sneller weer in staat te zijn meer uren te werken.” En “Ik moet nu een andere functie accepteren met een lager salaris, anders mag ik niet re-integreren.”.

Onrealistische verwachtingen dragen niet bij aan herstel
Altijd vraag ik me samen met deze mensen af wat de onderliggende boodschap is van dergelijke aansporingen. Die luidt dan in veel gevallen iets als: “We zien het niet meer in je zitten en willen graag dat onze wegen zich gaan scheiden”. Deze boodschap wordt echter vrijwel nooit verwoord. Wat is daar eigenlijk mis mee, vraag je je dan af? Organisaties dienen juist in deze tijd te beschikken over medewerkers die zijn toegerust op hun taak en het is een feit dat een aantal medewerkers niet op de goede plek is komen te zitten. Anderzijds helpen onrealistische voorstellen aan de medewerker, om te mogen blijven, alleen effectief als onderhandelingsstrategie. En zeker niet om sneller herstel en duidelijke communicatie mogelijk te maken.

De waarheid helpt wel
Als je samen constateert dat het niet meer werkt, is het dan niet sociaal en goed ondernemerschap om hierover eerlijk te zijn tegen elkaar? Uiteraard, maar hoe ga je dan om met de weerstand die dit op korte termijn op roept? De medewerker verliest na zijn herstel dan feitelijk zijn baan én zekerheid van inkomen. Maar op de lange termijn zijn er wel veel voordelen voor hem. De medewerker wordt verlost van het vaak al jaren durende lijden (minderwaardigheidsgevoelens, psychische- en fysieke klachten), kan zich weer richten op aanwezige kwaliteiten en deze ontwikkelen. En de organisatie kan haar energie en aandacht gaan richten op de kerntaken.

Rekenen, eerlijk confronteren en herplaatsing faciliteren
Dan komt het op het moeilijkste punt aan: rekenen! Al deze energie en het lijden wat hiermee samenhangt kan moeilijk worden uitgedrukt in financiële compensatie. Het is dan juist sociaal om mensen via een vaststellingsovereenkomst nog een aantal maanden in dienst te houden en hen in die tijd ondersteuning en eventueel opleiding of cursus te bieden met het vinden van een andere baan. Aan het einde van die periode is er dan, bijna zonder uitzondering, in ieder geval nog een periode vangnet via een uitkering. Het is onmenselijk om elkaar in dergelijke moeilijke tijden ‘aan het lijntje te houden’. Alleen de waarheid kan namelijk daadwerkelijk perspectief bieden voor zowel de werkgever als voor de werknemer.

Lijkt dat onmogelijk of weet je niet goed hoe om te gaan met een situatie waarin een medewerker na re-integratie op zoek moet naar een nieuwe baan? Schakel dan hulp in.

Trauma’s in het voetbal en EMDR

rensenbrinkStel je voor! Je droomt al jaren van het ene voetbalmoment. Het moment dat je de beslissende goal maakt in de finale van het grootste voetbalevenement van de  planeet. Al zolang je weet van jezelf dat je talent hebt, ieder jaar met je jeugdteam kampioen wordt en beslissend bent  en ja, je houdt enorm van voetbal, droomde je er vaak over dat je met je land wereldkampioen voetbal wordt. En dat jij daar de beslissing gaat brengen. 

Na al die jaren kom je steeds dichter bij je droomdoel.  Je wordt landskampioen, hebt een beslissende inbreng, gaat mee naar een EK waar je zelfs meerder e wedstrijden uitblinkt. Hoewel je  ook te maken hebt met tegenslagen, is je ster rijzende. Iedere keer weet je die tegenslagen te overwinnen en op het WK speel je zo goed en gefocust, dat de droom, die je al sinds je achtste hebt, de beslissende scoren in de finale, steeds dichterbij komt. En vandaag sta je in die finale.  Je speelt goed en dan, ergens laat in de tweede helft komt je moment. Het moment waar je al jaren van droomt. Je gaat alleen op de keeper af . Dit is de beslissing. Je maakt de winnende……..niet.

Topsporters zijn gemiddeld beter dan anderen in staat om met druk en spanning om te kunnen gaan. Zeker de absolute top. Maar ook zij kennen negatieve gevoelens, die interfereren met hun lichamelijke functioneren. Zoals boosheid, angst, schuldgevoelens en verdriet. En in topsport zijn die emoties niet exclusief voor jezelf.  Maar ook dat van je familie. En de buurman in de straat. De supporters langs het trainingsveld. Gelukkig is er ook trots en blijdschap over de behaalde prestaties. De pijn echter, vooral als je erop terugkijkt blijft echter aanwezig….

Op de lange termijn veroorzaken niet verwerkte negatieve emoties, ongewenste bijeffecten, zoals psychosomatische klachten en lichamelijke klachten. Essentieel voor de voetballer is ook dat ze de eenheid tussen lichaam en geest ontregelen. Voetballers zijn dan niet meer lexithym. Dat houdt onder andere in dat spanning en stress op de belangrijke momenten lichamelijk disfunctioneren veroorzaken zoals een verkeerde lichaamshouding op het moment van schieten of verkramping bij een balaanname. EMDR is een veelgebruikte en zeer geprezen methode, om negatieve emotionele gevoelens, gerelateerd aan traumatische gebeurtenissen, te verminderen. EMDR staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing. In gewoon Nederlands; door oogbewegingen minder gevoelig worden en opnieuw emotioneel verwerken.

In bovenstaande situatie, ga je in de rol van sportpsycholoog met de cliënt naar het meest vervelende moment (als zijnde een fragment tijdens de hele film, dat het meest pijnlijk aanvoelt) ,bijvoorbeeld het moment dat je ziet dat de keeper de bal stopt. Je brengt de negatieve gedachten en gevoelens die de cliënt bij dat ene moment heeft in kaart en onderzoekt welke gedachten hij bij die gebeurtenis wenst te hebben.

Via het inzetten van de oogbewegingen, werk je samen met de cliënt aan het verwerken van die negatieve gevoelens en gedachten, zodanig dat spanningen afnemen en er ruimte gemaakt wordt voor de positieve gedachten over zichzelf. Met behulp van de oogbewegingen worden deze vervolgens in het emotionele hersendeel geactiveerd.

Het resultaat van deze interventie is,  dat de cliënt wanneer hij terugkijkt op de gebeurtenis, dit doet met (geloofwaardige!) positieve gedachten en gevoelens over zichzelf en hij  nieuwe vergelijkbare situaties (bijvoorbeeld penalty’s nemen op belangrijke momenten) emotioneel aankan en daarin optimaal kan functioneren.

De effectiviteit van EMDR is evident en onomstreden. Bijna alle cliënten die EMDR volgen, herstellen binnen 3 sessies van 90 minuten, geheel van het trauma dat zij ooit meemaakten. Zij zijn daarna weer in staat om nieuwe uitdagingen aan te gaan en voelen zich bevrijd van de emotionele last die het trauma ooit met zich meebracht.  Zoals je je wel kunt voorstellen, hebben vele voetballers ieder seizoen dergelijke vergelijkbare ervaringen. Als EMDR Therapeut kan ik je hierbij binnen korte tijd, helpen deze gebeurtenis te verwerken, zodat je in het nieuwe seizoen weer bevrijd van deze last kunt presteren zoals je je wenst. Met een goed gevoel.

Voor meer informatie: Alexithymie, EMDR, sportpsycholoog, mentale training, sportpsycholoog Gelderland Overijssel

Ambities bij teamsporten

ambitieIk schrijf dit stukje voor diegenen die altijd het voortouw nemen, voorop gaan in de strijd, er vol op gaan ook al staan ze met 4-0 achter en altijd gedreven trainen en 100% geven. Het komt vaak voor dat je in de wedstrijd (en in het leven) tegenslagen te verwerken krijgt en mensen met een hoog ambitieniveau leggen zich daar niet bij neer. Ze hebben een doel voor ogen en daar moet alles voor wijken. En zij kunnen ook prima leven met het doel om de 1-4 te willen maken, of er 95 minuten alles voor te hebben gegeven.

Aangezien voetbal een teamsport is, betekent dat dus ook dat er mensen zijn die dit ambitieniveau niet hebben. In voetbalpsychologentaal: zij scoren een stuk lager (bijvoorbeeld op een vragenlijst) op ambitie. Zij hebben meer tijd nodig om te herstellen van tegenslag, kunnen zichzelf minder goed motiveren het meteen weer op te pakken en hebben over het algemeen ook eerder het gevoel dat het toch geen zin meer heeft als de tussenstand een goed resultaat in de weg staat.

En dat is vast geen verrassing voor je; in 1 team heb je spelers die allemaal verschillend – van hoog tot laag – scoren  op ambitie. Je zou misschien verwachten dat op topniveau de mensen allemaal hoog scoren op ambitie, maar niets is minder waar. Ook in het topvoetbal lopen er genoeg spelers rond, die vanuit zichzelf het minder belangrijk vinden om altijd te winnen of om zichzelf doorlopend te moeten verbeteren.

Om de spelers erbij te betrekken die het minder belangrijk vinden om bij tegenslagen zich op te richten,dien je dus andere strategieën toe te passen. Want ook de minder ambitieuzen onder ons hebben motivatie, maar halen die wel uit andere zaken. Bij hen werkt het bijvoorbeeld veel beter om te refereren aan het teambelang (we hebben elkaar/je nodig, wat ga jij doen om ons team te versterken?), verantwoordelijkheid (het team is zo sterk als zijn zwakste schakel), behulpzaamheid (samen kunnen we die snelle linksbuiten wel afstoppen) of erbij willen horen (we spelen met het sterkste team, dat zijn niet noodzakelijkerwijs ook de beste 11 spelers). En zo geven we wat meer diepgang aan clichés als “de een heeft een aai over de bol nodig en de ander ….”.

Voetbal: De druk van binnenuit en gevolgen overspannen verwachtingen

druk van binnenuitDe grote voetbalclubs hebben te maken met een verwachtingspatroon. Voorafgaand en tijdens het seizoen wordt deze wel eens bijgesteld. Je wint een paar wedstrijden (nu kunnen we ons plaatsen voor de playoffs!) of verliest er wat (we willen bij de 1e vier eindigen, maar toen we bovenaan stonden wilden we er blijven en nu we de hete adem van nr 5 en 6 voelen, dreigt ons seizoen te mislukken!).

Al deze eventueel bijgestelde verwachtingen hebben te maken met DOELEN STELLEN. Deze doelen dienen goed aan te sluiten bij de reële verwachtingen en zo min mogelijk worden bijgesteld als het beter blijkt te gaan dan de verwachtingen.  Waar dat enorm mis kan gaan op dit moment, is bij PSV en FC Twente. Zij staan op dit moment enorm onder druk. Echter niet uitsluitend ten gevolge  van de prestaties, maar ten gevolge van hun eigen doelstellingen. Bij PSV was er constant de zoektocht naar de bevestiging dat ze nu wel landskampioen zouden worden, terwijl ze geen moment met afstand bovenaan stonden. Hierdoor werd het seizoen uiteindelijk te lang voor ze en lopen ze nu helemaal leeg.

Bij FC Twente is wat anders aan de hand. Vooraf is bij de 1e vier goed genoeg, maar iedereen weet dat het interne verwachtingspatroon 1 of 2 is. En nu ze derde staan, blijkt die plek ineens niet goed genoeg. Met als extra dreiging dat je ook zo maar 6e kunt eindigen.

Daar moeten de beleidsbepalers eens  intern uitspreken dat de huidige derde plaats goed genoeg is. En zich weer richten op de kwaliteit van het spel. Want het is wel duidelijk dat het interne verwachtingspatroon, hoewel slim weggehouden van de pers, de spelers op dit moment opbreekt. Een voorspelling wil ik dan ook wel doen: zodra GertJan Verbeek het woord kampioenschap in de mond neemt in de maand april , is het helemaal afgelopen met AZ.

De kracht van emoties

De dames van FC Twente verloren eind vorige maand hun eerste wedstrijd in de Champions League. Er was hard gevochten voor een goed resultaat, maar de tegenstander bleek al vanaf minuut 1 de betere ploeg. Toch duurde het nog tot diep in de tweede helft voordat de uitblinkende doelvrouw voor het eerst werd gepasseerd. Ze werd tevens uitgeroepen tot speelster van de wedstrijd. Na afloop kregen alle speelsters een knuffel  van de voorzitter, waarop de doelvrouw haar emoties de vrije loop liet.  Prachtig toch. Emoties binnen het voetbal. Opmerkelijk weliswaar, dat vrouwen en mannen opvallende verschillen vertonen ten aanzien van de situaties waarin zij die emoties uiten.

Mannen huilen namelijk niet. Bijna niet dan. Maar natuurlijk wel als ze voor het eerst landskampioen worden. Of als ze de beslissende penalty missen. Of nadat ze na een lange revalidatie de rentree achter zich hebben en geïnterviewd worden.  Grappig vinden vrouwen dat. Vertederend misschien. Maar bijna altijd vinden ze dat verbazingwekkend, dat een spelletje dit bij mannen losmaakt.

Vrouwen huilen over van alles. Als ze ruzie hebben met hun moeder. Of wanneer de auto opnieuw stuk gaat. Of als ze probeert te leren leven met een onveranderlijke tegenvaller. En dus ook na afloop van een voetbalwedstrijd. Maar dan wel op een ander moment, wanneer geen man het in zijn hoofd haalt te gaan huilen: op het moment dat ze getroost worden. Hun hele kwetsbaarheid, te tonen aan een ander. Te delen met die ander, wat haar dwars zit en ze gebruikte dan de steun om de tegenvaller te verwerken.

Contact hebben met je lichaam en ervaren wat zich daarbinnen afspeelt, is essentieel om te kunnen komen tot optimale prestaties. Om zich af te sluiten van pijn of andere onprettige gevoelens, zie je vaak dat mensen minder contact ervaren met hun lichaam. Maar datzelfde lichaam heb je nodig, om feilloos de signalen die vanuit de hersenen worden doorgegeven, uit te voeren. Onverwerkte emoties verstoren dit proces. Woede, boosheid, verdriet, alles wat je weg stopt, blijft dus ergens achter. En hoe je die emoties nu uit, is minder essentieel. Veel belangrijker is je lichaam te blijven ervaren. Want voetbal is bij uitstek een sport, waar raffinement, (bal)gevoel en intuïtie van groot belang zijn om iets prachtigs te kunnen doen.

Sportpsychologie: Meer dan een paar procent verschil?

Het komt regelmatig voor. Wielrenners die met 60 km per uur tegen het beton smakken, schaatsers die met hoge snelheid de baan uit vliegen en bobsleeërs die ook niet binnen het parcours kunnen blijven. En op het WK tot nu toe ook voetballers en keepers die onverklaarbare fouten maken. De kunst bij toenemende spanningen is, om je te blijven fixeren op de taken die je hebt uit te voeren. Om te voorkomen dat de angst toeslaat en als gevolg daarvan de spieren verspannen en het waarnemingsvermogen wordt ingeperkt.

Mijn tip aan de sporter is dan altijd ‘zelfinstructie’ toe te passen. Niet naar je angst, wat het gevolg zal zijn van de zinnen als ‘ik mag niet vallen’ (voor de wielrenner) waarin het woord vallen direct een angstreactie op zal roepen. Blijf de ruimte zien, waar je in kunt sprinten, zeg jezelf dat je door die ruimte te benutten op de been zult blijven en formuleer jezelf naar je kracht. Dergelijke instructies vergroten het gevoel van controle, het zelfbewustzijn en lef. Doe dan tevens vooraf ademhalings- en ontspanningsoefeningen. Deze oefeningen maken net als de technische en tactische training, doorlopend deel uit van de voorbereiding. Wat dan resteert is een gezonde wedstrijdspanning, die je helpt om optimaal geconcentreerd een wedstrijd in te gaan.

Februari 2010

Bij de Olympische Winterspelen van begin dit jaar had het NOC NSF voor de sporters geen sportpsycholoog meegenomen. Het NOC NSF neemt nog steeds liever – niets ten nadele van die beroepsgroep die ook heel goed werk verrichten – een extra diëtist mee, dan dat zij 1 door ons geaccrediteerde sportpsycholoog een NOC NSF accreditatie geeft om mee te reizen met het Olympisch team naar Vancouver. Waar andere landen aan mijn collega’s de gelegenheid geven om mee te reizen met de teams die zij al jaren begeleidden, moestRico Schuijerszijn eigen vliegticket betalen en via bevriende sporters een kaartje proberen te bemachtigen om een glimp op te vangen van zijn teams. Op die manier heeft hij het dameswaterpoloteam en het dameshockeyteam – zijn teams – in 2008 goud zien winnen.

De smadelijke afgang van het bobsleeteam eind februari van dit jaar, was dan ook niet los te zien van de jarenlange behoudzucht van ons Olympisch Comité. Een sportpsycholoog had voorkomen, dat de betreffende bobsleeër voor de start een andere afdaling kiest. Mogelijk was de sporter niet eens naar de spelen gegaan. Of hij had bovenstaande instructies toegepast onder begeleiding van een begripvolle sportpsycholoog en controle gekregen over zijn spanning.

En nu het WK

Nu het wereldkampioenschap Voetbal net is begonnen, heeft de KNVB een uitgebreid begeleidingsteam geformeerd van assistenten, sportarts, fysiotherapeuten, masseurs, diëtist, teambegeleider, revalidatiespecialist, videoanalist en materiaalman, maar een sportpsycholoog ontbreekt nog altijd. In de eerste wedstrijd tegen Denemarken kunnen we constateren dat spelers soms moeite hebben hun agressie te controleren en hun frustraties en spanningen te hanteren. Dit zijn alle facetten die door een sportpsycholoog besproken kunnen worden met de spelers of de coaches en waarin vaardigheden kunnen worden aangeleerd.

En dat geeft net die paar procent verschil die je straks vanaf de kwartfinale nodig hebt. Want dan moet Nederland boven zichzelf uitstijgen om Spanje of Brazilië te verslaan. Ik ben benieuwd!

Ego’s, teambelang en een kampioenschap

Dit weekend was het eindelijk zover. Oranje speelde zijn eerste interland in Enschede. De spelers keken hun ogen uit. Wisten zij veel, dat Enschede zover af ligt van Rotterdam, Amsterdam, Schiphol en Eindhoven! De vedetten waren dan ook nog niet echt warm gedraaid, toen de eerste helft al lang en breed voorbij was.

Maar hèt was er wel de eerste helft. Het grote ego van Wesley Sneijder. Hij werd dolgedraaid, uitgekapt en de werkmieren uit Japan ontfutselden m de bal. En zo ging dat ruim 20 minuten. En in die 20 minuten gebeurde het. Het kon het gaan groeien. ‘Welke speler krijgt de vrije hand van Mourinho? Wie is hier de beste middenvelder van Europa? Wie heeft hier de mooiste vrouw aan zijn zijde? Nou, nou, nou??! En die vlijtige mini’s (ze waren nog kleiner dan ik!) hebben het lef beter te spelen dan ik?’ Hier, pak aan!

Zo zou het kunnen zijn gegaan. Voor de duidelijkheid. Ik heb m niet gesproken en ken m ook niet. De bondscoach bood zijn excuses aan. Wesley kan er ook niets aan doen. Hij kan niet verliezen. Ze mogen m de bal niet afpakken (tenzij ze Zidane heten, maar die is gelukkig gestopt). En als dat wel gebeurt, wordt iets wat heel erg kwetsbaar is in hemzelf, ietsje kleiner. Yolanthe was er gelukkig bij in de spelerstunnel. Want wat zei er nou eigenlijk ‘krak’?

Wat is dat toch met ego’s in de voetballerij? Hiddink vond die van Rutten en Eijkelkamp laag. En bij Feijenoord? Daar moeten ze opzij. (hebben ze daar ook al glamourvrouwen aan hun zijde, denk ik dan). Voetballers en ego’s, ze lijken onafscheidelijk. Wil ik nog wat bereiken in het voetbal, dan moet ik er ook een. He Westerveld, ik neem die penalty! Of nee, toch maar eens een artikeltje schrijven… En bij Twente? Daar zegt nu zelfs Nkufo dat niemand boven het teambelang gaat. Wil Perez zelfs wel een helftje op de bank zitten na een busreis van 22 uur. Worden we toch nog eens kampioen.

Depressie en voetbal

Deze maand werden we allen opgeschrikt door de zelfdoding van de doelman van Hannover, Robert Enke. Alleen zijn directe omgeving, zoals zijn vrouw en een aantal collega’s waren op de hoogte van zijn depressie. Zelfs aan de specialisten had hij moeite om alles over zijn klachten te vertellen. Hij had voor zichzelf namelijk vastgesteld dat hij dit niet met buitenstaanders kon delen, onder andere om te voorkomen dat hij van zijn voetstuk zou vallen en zijn geadopteerde kindje zou kwijt raken. Ondanks de sterke depressie die Enke ervoer, gaven teamgenoten aan dat hij de afgelopen tijd een gelijkmatige indruk maakte en bovenal prima keepte.

Om het betaald voetbal te kunnen bereiken, hebben topvoetballers naast een grote dosis talent een enorme drive om te slagen. Ze hebben al vele tegenslagen overwonnen om hun kunsten op het hoogste podium te kunnen laten zien. Ze zijn in de kracht van hun leven. Hierdoor zijn ze vaak sterk geneigd om ook zichzelf te willen overwinnen en negatieve gevoelens en gedachten sterk naar de achtergrond te duwen. De weg die de voetballerij zijn spelers nu aanwijst, is de weg van de ontkenning. Laat vooral aan niemand zien dat je minder in je vel zit, want in je omgeving wordt je er keihard op afgerekend. En als dit al niet werkelijk zo is, dan denkt de speler het in ieder geval, waardoor deze gaat investeren in het ontkennen van die negatieve gevoelens en gedachten die gepaard gaan met de depressie. Totdat het niet meer gaat. Met altijd vervelende, maar soms ook desastreuze gevolgen.

De feiten over depressie

Meer dan 20% van alle Nederlanders kennen in hun leven een periode van langer dan een half jaar waarin zij kampen met depressieve gevoelens. 1 miljoen mensen in Nederland gebruiken op dit moment antidepressiva. En de uitsmijter; topsporters hebben drie keer zoveel kans als niet-topsporters om depressieve klachten te gaan ontwikkelen.

We kunnen er natuurlijk voor kiezen om op de huidige voet verder te gaan. Topvoetbal alleen voor diegenen die om kunnen gaan met de structurele fysieke overbelasting in combinatie met een bovengemiddelde psychische stabiliteit. Aanhaken of afvallen. Met de coach als scherprechter. Voor diegenen die hiervoor willen kiezen; lees vooral niet verder.

Wanneer er sprake is van depressieve gevoelens, is het extra vermoeiend en ontwrichtend om anderen een beeld te geven van normaal functioneren. Een gapende kloof tussen uiterlijke prestaties en depressieve gevoelens. Met als hamvraag, investeer je in je binnenkant of investeer je in je buitenkant?

De aanpak

Het is aan organisaties om spelers te stimuleren meer in hun binnenkant te investeren. Leg ze naast het testen van hun lichamelijke fitheid, een bewezen test voor waarin de door hun ervaren fitheid op lichamelijk en psychisch gebied wordt gemeten. Wanneer de individuele speler onder het gemiddelde (van bijvoorbeeld zijn medespelers) komt, zet de organisatie een interventie – bijvoorbeeld coaching – in. Een groot deel van de betreffende sporters zal hier veel baat bij hebben. Wanneer er dan tevens een sfeer is waar ruimte is om eventueel ervaren moeilijkheden te delen met anderen (met name de coach), wordt de eerder genoemde kloof gedicht.

Dat het dichten van deze kloof ook voor de betreffende organisatie positieve gevolgen heeft in de brede zin van fittere spelers die meer motivatie hebben, beter in hun vel zitten en beter presteren en bovenal ook beter in staat zijn om de druk vanuit de omgeving (zoals de media) te hanteren, behoeft geen betoog.