Te veel trots staat vooruitgang in de weg

Trots. Het is een woord dat je vooral in Twente vaak hoort. Trots op je club, trots op wat je bereikt hebt, trots op je prestatie. Overal waar ik kom pronken mensen met hun eigen veren, en die van anderen. Ook in de vorm van: we zouden eens wat trotser moeten zijn op wat we bereikt hebben hier in Twente en minder bescheiden moeten zijn! Trots op de herbouw van Roombeek, trots op de grote aantallen startups die zich vestigen op het Kennispark, trots op dat we verder gaan groeien, trots op dat FC Twente kampioen is geworden en dat we met z’n allen de club weer hebben gered.

Ambitieus blijven 

Voor de mensen die ongebreideld en onbegrensd trots zijn, is het goed te beseffen dat het helemaal niet zo gebruikelijk is om je helemaal in dit gevoel te verliezen. Onze meest beroemde filosoof Spinoza, de Portugese vluchteling die zich in Amsterdam vestigde, schreef in zijn Ethica al dat je als mens de opdracht hebt om matiging aan te brengen in je gevoelsleven. Anders gaan de rationaliteit en je persoonlijk evenwicht eronder lijden. Ook in de topsport is het gevoel van trots iets waar je tijdens je actieve carrière zo ver mogelijk vandaan moet blijven. Het leidt tot verzadiging en luiheid. Vraag het aan Cristiano Ronaldo. Hij antwoordt dan dat dat gevoel misschien optreedt als hij gestopt is als topvoetballer. Vooral nu niet, omdat hij dan weet dat hij niet meer iedere dag fitter en beter wil worden dan hij nu al is. Vraag het aan Fred Rutten, de man die samen met Erik ten Hag de basis legde onder het toenmalige topsportklimaat bij FC Twente en het kampioenschap. Je dient jezelf te voeden met een structurele ontevredenheid. Zo dwing jezelf om de volgende dag verder te groeien, iedere dag te werken aan verbetering, ambitieus te blijven en nieuwe hogere doelen te stellen. Trots staat dit alles in de weg.

Trots is onze grootste vijand

Uiteraard is niet iedereen een topsporter en is genieten of tevreden zijn over wat je tot stand brengt ook wenselijk, maar dan “met mate”. Willen we namelijk als regio Twente echt stappen zetten en hogere doelen realiseren, dan is trots onze grootste vijand. Zoals een hoogleraar ooit zei: “Ons doel is om 10.000 nieuwe hoogwaardige arbeidsplaatsen te creëren op Kennispark Twente in 2020.” Als we nu trots gaan zijn dat we de helft hebben bereikt, dan kan ik je op een briefje geven dat de andere helft er niet gaat komen. 

Dromen 

Als regio dienen we hogere doelen te stellen en enige ontevredenheid te hebben om te blijven streven naar verdere verbetering. Ambitieuze doelen waar mensen zich in kunnen verenigen en verbinden en gemotiveerd mee aan de slag gaan. Durven dromen. Zoals van een nieuw kampioenschap. Een afgebouwde voetbalarena met 45.000 plaatsen. Een Kennispark met 20.000 nieuwe hoogwaardige arbeidsplaatsen in 2030. Uitsluitend Elektrisch Vliegen op Airport Twente. Een ondergrondse treinverbinding met dit vliegveld vanuit het stadion. Modern elektrisch transport in de hele regio (bussen, treinen, auto’s, scooters en fietsen). Genoeg te dromen en te realiseren voor 2030. Maak beleid met concrete plannen. Aan het werk!

PS: Laat voetbalsupporters vooral trots zijn. Maar blijf er als beleidsmaker, business development manager/director, innovatiemanager of politicus ver van verwijderd …